Ga naar hoofdinhoud

7. Iteraties

Computers raken niet verveeld. Als een computer een taak honderdduizenden malen moet herhalen, protesteert hij niet. Mensen daarentegen houden niet van teveel herhaling. Daarom moeten herhalende taken aan een computer worden overgelaten. Alle programmeertalen ondersteunen herhalingen. De klasse programmeerconstructies die herhalingen mogelijk maken heten "iteraties." Een veelgebruikte term is "loops" (Engels, spreek uit: "loeps" – dit woord kun je netjes vertalen als "lussen," maar dat zeggen programmeurs nooit).

Dit hoofdstuk legt uit wat je moet weten over loops in Python. Als programmeren helemaal nieuw voor je is, zul je wellicht het gevoel krijgen dat loops een lastig onderwerp zijn. Als dat zo is, neem dan de tijd voor dit hoofdstuk, en werk eraan totdat je zeker weet dat je alles snapt. Loops zijn zo'n basaal programmeerconcept dat je ze goed moet begrijpen. Elk hoofdstuk dat hierna komt maakt gebruik van loops.

Hoofdstukken

📄️ 7.5 De loop-en-een-half

Stel dat je de gebruik om paren getallen vraagt in een loop. Voor ieder paar getallen dat de gebruiker ingeeft wil je laten zien wat hun vermenigvuldiging is. Je wilt de gebruiker het programma laten stoppen als hij een nul ingeeft, ongeacht voor welk getal. Vanwege een onbekende reden mogen de twee getallen geen delers van elkaar zijn; als ze dat wel zijn is dat een fout en wordt het programma onmiddellijk gestopt met een foutboodschap. Tenslotte is het een eis dat de getallen in het bereik 0 tot en met 1000 liggen; als de gebruiker een getal ingeeft dat niet in dat bereik zit wordt dat echter niet beschouwd als een fout; je wilt gewoon dat de gebruiker dan een nieuw getal ingeeft. Hoe programmeer je zoiets? Hier is een eerste poging: